WERKHOUDING

WAT IS WERKHOUDINGGEDRAG
Vanuit een ongemotiveerde of ongeïnteresseerde houding van een jongere kunnen ook problemen met het gedrag ontstaan zonder dat er een gediagnosticeerde aandoening of andere aanwijsbare oorzaak te vinden is.
INFORMATIE
- Een werkhoudingsprobleem uit zich in het gedrag
- Een jongere zet zich niet voluit in
- Is niet te motiveren
- Heeft geen zelfinzicht
- Luistert niet naar uitleg of instructies
- Raffelt de taak af
- Werktempo is veel te snel of veel te traag
- Heeft geen zelfsturing
- Heeft geen inzicht in de taak – doet maar wat
- Neerwaartse spiraal
DENKEN
- Jongere droomt weg
- Is snel afgeleid
- Kan zich niet concentreren
- Is ongemotiveerd
- Kan niet toekomstdenken
- Is slecht in oplossingsgericht denken
- Kan niet zelfstandig werken
- Werkt chaotisch
TIPS VOOR WERK EN STAGE
SIGNALEREN
- Door observatie signaleer je werkhoudingsproblemen
- Tijdens instructiefase: opletten – luisteren – begrijpen
- Negatief: let niet goed op – praat met anderen – speelt
- Tijdens begin werkfase: werken – onbegrip – bevestiging
- Negatief: blijft kletsen – snapt de opdracht niet - kan geen begin krijgen
- Tijdens werkfase: werkt onregelmatig – afgeleid – kletsen
- Negatief: houdt anderen van het werk – werkt chaotisch – maakt maar een deel van de taak
- Tijdens afrondingsfase: niet klaar met opdracht – kletsen – smoes
- Negatief: kon het niet afkrijgen – niet goed uitgelegd – ik snap het niet
MOTIVATIE VAN JONGEREN
- Een jongere draagt in principe zelf verantwoordelijkheid voor een juiste motivatie
- Jongeren zijn nog vaak onzeker waardoor ze passief overkomen
- Jongeren moeten aangestuurd worden naar vakmanschap en zelfstandigheid
- “Als je niet weet wát je moet vragen of doen, vraag je of doe je het ook niet”.
- Bedrijven schuiven soms de schuld van een passieve jongere af op school of opvoeding, maar een goede begeleiding van een stagiaire of jonge werknemer is essentieel
- Leg niet te grote verantwoordelijkheden bij beginnende jongeren
- Leg verwachtingen goed uit zodat de jongere weet wat de organisatie vraagt
- Welke taken moeten uitgevoerd worden?
- Welke kwaliteit wordt er verwacht?
- Wat is de prestatienorm bij het uitvoeren van de taken?
- Wat voor attitude, houding en gedrag verwacht u van de jongere
DOELEN STELLEN
- Een jongere in een bedrijf moet nog leren
- Leg doelen vast en bespreek ze met de jongere
- Als een jongere traag werkt achterhaal dan daarvan de reden
- Help een jongere die wel gemotiveerd is maar het (nog) niet voor elkaar krijgt
- Jongeren met een werkhoudingsprobleem hebben geen inzicht, ze doen maar wat
- De werkhouding kan ook liggen aan een gebrek aan basiskennis
- Achterhaal het niveau van kennis door vragen te stellen
- Wees niet kleinerend – dominant – negatief - kritisch – de jongere leert nog
- De begeleider is van grote invloed op het inwerkproces van de jongere
- Geef complimenten als een jongere zijn/haar best doet en initiatief toont
- Daag de jongere uit zelf initiatief te nemen en vragen te stellen
- Duidelijkheid – structuur – kennis – vakmanschap zijn de basisbegrippen bij het begeleiden van een jongere